Welkom op de website van buurtschap Rhederbrug.
U kunt informatie aanvragen bij het buurthuis "De Brug" tel 0597-532054.
Rhederbrug is een buurtschap van Bellingwolde en ligt aan de weg naar de Duitsland. We hebben vele verenigingen. Deze kunt u terugvinden onder het kopje verenigingen. In het verleden zijn er vele feesten georganiseerd door het Plaatselijke Belangen Vereniging Rhederbrug e.o. Op die feesten van vroeger hebben we vele bekende muzikanten verwelkomt en hebben we leuke dingen georganiseerd zoals: Speedbotenrace en wat later een spectaculaire Brandweeroefening met een neergestort vliegtuig. Verder hebben we in 1991 de diploma (Kern met Pit) gekregen voor onze speeltuin. Inmiddels is met gemeente geld en Subsidie's, georganiseerd door Hennie Potze en vrijwilligers een geheel nieuwe speeltuin gerealiseerd met allerlei nieuwe speelattributen .En ook is met de bewoners van de Rhederweg en hem een fiets/voetpad tot stand gekomen.
Voor de rest zijn er verschillende activiteiten die door diverse verenigingen worden georganiseerd. Enkele voorbeelden zijn: Bazaar, Paasvuur met optocht voor kinderen, 4 dagen Hemelvaart feest, Toneel vereniging "de Brugspeulers" dropping,klaverjasavonden, spooktocht, vis club die wedstrijden organiseert, Schietvereniging "S.V-Rhederbrug" de dans club die vanaf sept t/m april iedere 1e zaterdag van de maand een dansavond met live muziek heeft, soos onder t'plat dak, Bingo, en klaverjassen op de zaterdag middag.
Klik hier om ons te mailen
Historie van Rhederbrug
Archiefbeheergroep Rhederbrug en Omgeving
Er was eens…. zo beginnen sprookjes, maar ook historische verhalen.
Als je het ontstaan van Rhederbrug wilt achterhalen, zal je moeten beginnen bij: Er was eens in Bellingwolde………
Bellingwolde behoorde oorspronkelijk onder het Duitse bisdom Osnabruck. Wereldlijk was Bellingwolde evenwel sinds 1498 een deel van het bisdom Munster. De bisschop van Munster was dus onze landsheer en bleef dit officieel tot 1648.
Voor zover bekend wordt de naam Bellingwolde in 1391 voor het eerst in de kerkregisters aangetroffen.
Wel is met enige zekerheid bekend, dat enige duizenden jaren voor Christus hier al mensen woonden.
In Kleine Ham zijn onder meer resten van urnenvelden gevonden.
De naam Bellingwolde zou volgens Dr. de Vries afgeleid zijn van de Friese mansnaam Bello. (Bellinga betekent de zoon van Bello).
Op een kaart uit ongeveer 1556 komt de naam Bellingwolde voor.
Bellingwolde ligt op een zandrug (=een tange). Ten noorden daarvan lagen oorspronkelijk uitgestrekte veengebieden.
Dat veen is in de 14e en 15e eeuw door de steeds opdringende Dollard stukgeslagen en weggedreven.
Diezelfde Dollard zorgde naderhand voor de aanslibbing, waar-door in de volgende eeuwen er een dikke kleilaag voor in de plaats kwam. Bij de ruilverkaveling stootte men dan ook afwisselend op zand, veen en klei.
Hierdoor staan sommige boerderijen met hun fundamenten op zand, terwijl voor anderen eerst lange palen moesten worden geheid door het veen of klei.
Ten zuiden van deze tange lagen de uitgestrekte Bourtanger moerassen tot voorbij Coevorden.
Bijna al het overtollig water uit die moerassen moest door de Westerwoldse A worden afgevoerd naar zee.
Dat was bij langdurige regenval in die tijd onmogelijk.
Meermalen zijn de A-dijken dan ook bezweken, wat vaak hongers-nood tot gevolg had, omdat de producten van het land bezweken.
Om dit probleem het hoofd te bieden werden in 1824 vier grote watermolens gebouwd in Bellingwolde.
Ondanks die molens bleef dat jaar vele producten op de door-weekte velden door de aanhoudende regen.
Voortdurend werd de A verbreed en uitgediept.
In 1829 werd het Veendiep gegraven, waardoor het veenwater sneller naar de A kon afstromen.
Eerst toen de Ruiten- en Mussel A kanalen en ons Boelo Tijdenskanaal gereed waren omstreeks 1925 werd de waterhuis-houding aanzienlijk beter.
Bellingwolde heeft als kaspel eigenlijk nooit een historische rol gespeeld.
Wel hebben de bewoners uitgemunt in het versneld doen aan-slibben van land en het goed bebouwen daarvan.
Zo was tijdens het heersen van landvoogd Alva al bekend, dat men in Bellingwolde rijk was, rijker dan de omliggende karspelen.
Toen men in deze streken dan ook probeerde de beruchte Spaanse belastingen (de 100ste , de 10de en 20ste penning) af te kopen, moest Bellingwolde 1000 caroli guldens (=gouden munt) op-brengen, terwijl Blijham 600 en heel Westerwolde slechts 1800 caroli guldens betaalden.
Tegen dit onrecht ging richter Goosen Schenkel naar Brussel.
Het gelukte hem evenwel niet het bedrag voor Bellingwolde ver-laagd te krijgen.
In 1572 moesten we ook nog voor enige schepen turf zorgen, die naar de vesting Oterdum moesten worden gebracht.
Bij het herstellen van de zee- en rivierdijken werden van Bel-lingwolde ook steeds de grootste offers gevraagd.
In 1662 moest de Westerwoldse A weer eens worden verbreed. Hiervoor moest Bellingwolde 40% betalen , Vriescheloo 12% en Vlagtwedde 8%.
Vóór 1759 werden de belastingen in de Republiek der zeven Nederlanden naar willekeur geheven. Nadien zouden de Staten Generaal dit voortaan bepalen.
Zeer merkwaardig was, dat er bij Generaal Plakkaat voor het district onder de rechtstoel Bellingwolde een aparte regeling kwam.
Bij Generaal Plakkaat werd vastgesteld, dat er in Bellingwolde voor ieder paard -waardig zijnde 15 gulden of daarboven- jaar-lijks één gulden en twee stuivers moest worden betaald, voor een hoornbeest zes stuivers, een schaap 12 duiten en voor ieder morgen (= 1 ½ ha.) twee gulden.
ook was er sinds 1759 omzetbelasting; voor 1 pond tabak een ½ stuiver, thee 1 stuiver, een vat zout 2 gulden, een ton (=240 pond) zeep 2 gulden en 5 stuivers, 100 pond kaarsen 3 stuivers, enz.
Ook komt dan de weeldebelasting voor goud, zilver, laken en wol. Hiervoor moest 128 penning betaald worden.
Wilde men in die jaren naar Winschoten, dan leidde de weg van Bellingwolde over Wedde.
Eerst veel later kwam de Blijhamsterweg.
In 1857 werd de weg Bellingwolde naar Oudeschans en Nieuwe-schans verhard.
In 1863 werd de Rhederweg verhard en vormde tot 1876 de enige hoofdverkeersweg van het Groninger land naar Duitsland en zo komen we 25 jaar later bij het ontstaan van de naam Rheder-brug.
Roelof Arends
|